‘Vanggewas past niet in extensief bouwplan’

Hans van Strien, akkerbouwer uit Hellevoetsluis, heeft er al een hele mail- en briefwisseling met het ministerie van Economische Zaken op zitten, onder andere met ‘Mister GLB’ Herman Snijders. De reactie van het ministerie was welwillend, maar het resultaat was uiteindelijk nihil.
Niet-kerende grondbewerking
Van Strien heeft een bedrijf met 45 hectare zware grond. Hij stopte in 2007 met aardappelen, bieten en uien vanwege gezondheidsproblemen en verkocht een deel van zijn land. Hij stapte over op een extensief bouwplan met 11,5 hectare wintergerst, 22 hectare wintertarwe en 11,5 hectare koolzaad. Tegelijk begon hij met niet-kerende grondbewerking, om organische stof en meststoffen boven in de grond te houden, zodat het volggewas er meer aan heeft.
In dat bouwplan zaaide hij nooit een groenbemester. Dat past er slecht in, omdat hij al zijn gewassen vroeg zaait, in september en oktober. Vóór het zaaien bestrijdt hij onkruid en opslag van koolzaad onder andere door luchtig te schijveneggen. Bovendien levert een groenbemester geen meerwaarde in het extensieve bouwplan.
Extra kosten
Wil Van Strien voor de vergroeningspremie in aanmerking komen, dan moet hij 7,5 hectare vanggewas telen (5% x 45 hectare = 0,3 x oppervlakte vanggewas). Van Strien maakt extra kosten en heeft minder inkomsten door de groenbemester.
Lees het volledige interview in het vakblad Akker van zaterdag 19 maart
Tekst: Peter van Houweling