WPR: N-sensor is interessant hulpmiddel

Dit concludeert Brigitte Kroonen-Backbier van Wageningen Plant Research (WPR) Vredepeel op basis van het twee jaar actieve Waardenetwerk ‘Betere stikstof benutting met de aardappelsensing app’.
Tijdens de gezamenlijke nieuwjaarsbijeenkomst van Delphy, de LLTB vakgroep Akkerbouw en Wageningen Plant Research (WPR) voor de Zuid-Limburgse akkerbouwers in Klimmen gaf ze een toelichting op dit Waardenetwerk. Verdeeld over Limburg telt dit Waardenetwerk 19 deelnemers met in totaal 29 aardappelpercelen. Samen met loonwerkers gebruiken deze aardappeltelers de gewas-sensing en de bijmest app waarmee ze de N-gift aanpassen aan de gewasbehoefte. Rode draad is de continue onzekerheid die bestaat over de N-levering van een perceel aan het gewas.
Brigitte Kroonen: „Met het oog op de gevolgen voor de zuidelijke zand- en lössgronden van het 5e nitraat-actieprogramma is het steeds meer noodzaak om slim te bemesten.”
Plaatsspecifieke bijbemesting
Een groot voordeel is dat een plaatsspecifieke bijbemesting uitgevoerd kan worden. De sensoren stellen namelijk perceelvariatie vast en op basis daarvan kan de gift variëren. Brigitte Kroonen: „Bij de uiteindelijke bemesting is het wel zaak rekening te houden met het opbrengstpotentieel van het perceel in combinatie met het gekozen aardappelras, poottijdstip en de weersomstandigheden. Ga niet méér bemesten als er niet meer opbrengst haalbaar is. Houdt bij het besluit om al dan niet bij te bemesten ook rekening met in het verleden opgedane ervaringen op deze vlakken.”
Insteek Waardenetwerk
Het Limburgse grondwater is belast met nitraat en bestrijdingsmiddelen. Er is al veel onderzoek gedaan naar methoden en technieken om de uitspoeling van nitraat en bestrijdingsmiddelen te verminderen. Waardenetwerken trachten de toepassing van moderne methoden en technieken naar de praktijk te bevorderen.
Eén van de zes waardenetwerken, die in 2015 tot en met 2017 in dit kader wordt uitgevoerd, is 'Betere stikstofbenutting met de Aardappelsensing app’. Uit de voorlopige resultaten van dit onderzoek blijkt dat het delen van de stikstofbemesting in meerdere giften op basis van monitoring leidt tot een betere stikstofbenutting en minder stikstof-uitspoeling in combinatie met de de best haalbare opbrengst. De waterkwaliteit verbetert doordat de uitspoeling van reststikstof in najaar en winter afneemt.
Weersomstandigheden
Als de omstandigheden gunstig zijn kan met behulp van de N-sensor een goede opbrengst worden gerealiseerd. Maar je kunt niet blindvaren op het advies van de N-sensor. Het blijft zaak toch steeds kritisch te blijven kijken, merkt Kroonen op. Zo heeft bij aanhoudende droogte het gebruik van de sensor geen nut. Dan is er behoefte aan vocht in plaats van bemesting.
Afgelopen zomer kampten tal van Limburgse percelen met veel hagelschade. Het loof is dan weg geslagen. Terwijl de N-sensoren juist werkt op basis van het loof dat er niet meer is. „Je meet dan niet de ontwikkeling maar de schades. Je moet ook niet gaan bijbemesten op verzopen delen of andere slechte plekken van het percelen, terwijl de sensor wel aangeeft dat je hier fors moet bemesten. Hier zijn veelal andere maatregelen nodig. En bij een tussentijdse wijziging van de omstandigheden is het zaak in het systeem de streefopbrengst bij te stellen, en daarmee de bijbemesting.”
Menselijk oog
Het menselijk oog signaleert ook de N-behoefte van het gewas. Echter als je met het oog het tekort ziet ben je te laat. De sensor ziet het eerder en beter. Als je op eigen inzicht bemest doe je dat veelal meer en eerder. Er zijn meerdere N- meting systemen op de markt zoals de Claas Crop Sensor en de YarN-sensor. Kroonen: „Al deze systemen geven goede en betrouwbare informatie. Op basis van de ervaringen tot nu toe is de Yara-N sensor het meest kansrijke.”