LTO Nederland en natuurorganisaties gaan voor beter bermbeheer

Daar waar mogelijk kunnen boeren, al dan niet in samenwerking met agrarische natuurverenigingen, zelf het bermbeheer uitvoeren. Door bewust beheer met onder andere maaien en afvoeren van maaisel, ontstaat een andere, meer diverse vegetatie. De boer zelf de regie over het maaimoment.
Meningsverschil
De samenwerking is ontstaan uit een verschil van mening over bermbeheer afgelopen zomer. Het gevoerde klepelbeheer bleek zowel bij LTO als de natuurorganisaties een doorn in het oog. Het verhakselen van alle aanwezige vegetatie zorgt er voor dat planten als akkerdistel, brandnetel en ridderzuring ruim baan krijgen. Zo’n verruigde berm is voor de landbouw volgens LTO een slechte zaak en zorgt voor overlast en schade. „Voor de landbouw schadelijke onkruiden zullen welig tieren en overwaaien naar de naastgelegen landbouwpercelen”, aldus Trienke Elshof, bestuurder vanuit LTO Noord.
Ook Floron en De Vlinderstichting vinden de verruiging van bermen met uiterst algemene plantensoorten een ongewenste ontwikkeling. Zij voorzien dat waardevolle vegetaties in korte tijd zullen verdwijnen. „Ook allerlei insecten die van deze planten afhankelijk zijn, komen daardoor onder druk te staan. Door beter te beheren, gaan we dat proces tegen”, stelt Anthonie Stip van De Vlinderstichting.
Belangrijkere rol voor boeren
Op diverse locaties, zoals in Weststellingerwerf (Fr), Muntendam (Gr), Amstelveen (NH) en Brandwijk (ZH), voeren boeren het bermbeheer al uit voor gemeenten of waterschappen, De samenwerkende partijen willen nu dat er meer van zulke voorbeelden van succesvol bermbeheer komen waarin boeren een belangrijke rol spelen. „Die uitdaging willen wij als LTO graag aangaan”, aldus Elshof.