PBL: ‘Meer plantaardige eiwitten gaan produceren’

Het tweejaarlijkse rapport werd overhandigd aan staatssecretaris Stientje van Veldhoven van Infrastructuur en Waterstaat en vormt een advies aan het kabinet. Eén van de belangrijkste pijlers in het rapport is het onderwerp ‘Landbouw en Voedsel’, waarin verduurzaming van de sector centraal staat.
Het PBL adviseert in het rapport om de sector te laten verduurzamen. Niet alleen boeren spelen daarbij volgens het adviesorgaan een rol, maar de gehele voedselketen moet zich hard maken voor een duurzamere voedselketen.
Dierlijke eiwitten vervangen
Onderdeel van deze verduurzaming is volgens het PBL de vermindering van de productie én consumptie van dierlijke eiwitten. In plaats daarvan zouden er in Nederland meer plantaardige eiwitten geproduceerd moeten worden en zouden consumenten vlees eens vaker moeten laten staan. „Om de lange termijnklimaat- en milieudoelen te halen moet het landbouw- en voedselsysteem verduurzamen”, zegt beleidsmedewerker Martha van Eerdt van het PBL. „Het is hierbij van belang om productie van voedsel en consumptie van voedsel niet los van elkaar te zien.”
Nederland wil de uitstoot van broeikasgassen verminderen, volgens Van Eerdt is voedselproductie daarin belangrijk. „In de Transitieagenda Circulaire Economie, Biomassa en Voedsel is de ambitie geformuleerd dat Nederlanders 10 à 15 procent minder eiwitten consumeren in 2050, waarvan dan 60% plantaardig is”, aldus Van Eerdt. „De ratio hierachter is dat de CO2-voetafdruk van dierlijke eiwitten gemiddeld circa een factor twee groter is dan die van plantaardige eiwitten. Ook de land- en stikstofvoetafdruk van dierlijke eiwitten is groter dan die van plantaardige eiwitten. Een belangrijke oorzaak hiervan is dat om 1 kg dierlijke eiwitten te produceren 3-5 kg plantaardige eiwitten nodig zijn in de vorm van veevoer.”
Omschakeling
Maar op de vraag wie er dan meer plantaardige eiwitten moeten gaan produceren, heeft het PBL nog geen simpel antwoord. „Er ligt geen blauwdruk of macro-economische analyse klaar, over als je een dergelijke eiwittransitie wil hoe je dan het beste kunt omgaan met mogelijke belangentegenstellingen. Bijvoorbeeld de tegenstelling tussen producenten van plantaardige eiwitten en van dierlijke eiwitten.” Volgens Van Eerdt zijn de mogelijkheden al groot: „Er hoeven geen nieuwe eiwitbronnen ontwikkeld te worden: er is al veel beschikbaar in de vorm van granen, peulvruchten en noten.”
Zorgen
Maar in het rapport geeft het PBL ook aan zorgen te hebben over de bodem. ‘Over de kwaliteit van het bodemleven en de gevolgen daarvan voor de bodemvruchtbaarheid en het ziektewerend vermogen van de bodem’, zo wordt gemeld in de Balans van de Leefomgeving 2018. ‘De natuur in het agrarische gebied gaat nog steeds achteruit. Indicatief hiervoor is de voortschrijdende afname van boerenlandvogels en dagvlinders in het agrarisch gebied, ondanks inzet van agrarisch natuurbeheer.’
Het advies van het PBL vormt voor minister Carola Schouten van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit een belangrijk handvat voor de vorming van haar Landbouwvisie. Deze visie presenteert zij zaterdagmiddag 8 september om 14.30 uur in Delfgauw.