
Dillen: precisiebemesting voor meer uniforme toediening drijfmest

De variatie in samenstelling van drijfmest is te meten met de nabije infrarood techniek (NIR). Een NIR-sensor geeft de beste informatie bij het uitrijden van de mest. In de mestkelder, tijdens het transport en bij het overpompen naar de tank waarmee de mest uitgereden wordt, kan de samenstelling continu wisselen door ontmenging van de mest. Daarom is meten bij het toedienen van de mest waarschijnlijk het betrouwbaarst.
Bij meten aan de uitloop bij toedienen van de mest, kan de teler direct bijsturen op de hoeveelheid mest. Dat is volgens Dillen handig bij het uniform uitrijden van de mest, maar ook als de teler op basis van wisselende bodemeigenschappen binnen het perceel de hoeveelheid nutriënten al rijdend wil aanpassen, bijvoorbeeld verdeeld over verschillende zone's van het perceel.
In Nederland is de NIR-sensor verkrijgbaar op de Veenhuis-mesttanks. De sensor wordt toegepast bij transport en uitrijden van de drijfmest. In België zijn in januari meerdere bijeenkomsten met informatie over precisiebemesting.

Tekst: Jorg Tönjes
Beeld: Agrio