Drip geeft 20 ton meer uien met 30 millimeter water

Adviseur akkerbouw Sigrid Arends van Delphy mag zich ervaren gebruiker van druppelirrigatie noemen. Ze heeft een klein akkerbouwbedrijf in de buurt van het Lauwersmeergebied. Daar heeft ze regelmatig te maken met droogte en weinig beschikbaar irrigatiewater, mede vanwege de zoutconcentraties in dat water. Ze begon met druppelirrigatie in haar belangrijkste teelt: pootgoed. Daarmee haalde ze goede resultaten. Pootgoed is vroeg van het land en om de druppelirrigatie extra te gebruiken, legde ze nieuwe tapes na de pootgoedteelt in de uien en gebruikte de rest van de installatie zo wat efficiënter. „Ik heb in het afgelopen seizoen zo 30 millimeter water bijgegeven via de drip. Mijn teeltbegeleider vroeg of dat nu wel zo nodig moest. Het was het proberen waard. Ik haalde van dat deel van de uien 20 ton meeropbrengst.” Arends was er zelf ook verrast door. Dat het wat zou opleveren was duidelijk voor haar, maar dit overtrof de verwachtingen.
Eerder aan de dikte
Als adviseur bekeek Arends overal in het land druppelirrigatie bij telers. Regelmatig sprak ze op telersbijeenkomsten daarover. Zo zag ze in het zuidwesten, noordoosten en uiterste zuiden van het land wat het systeem kan doen met de opbrengst en de kwaliteit van de uien. „Je kunt de uien er twee weken mee vervroegen en daarmee op een gunstiger moment op de markt komen. Vroeg gezaaide uien zijn eerder aan de dikte en gaan vlotter strijken. De ui groeit met minder stress en op hete dagen is door de drip zelfs de temperatuur wat lager in het gewas.”
Lees het interview met Sigrid Arends over druppelirrigatie in het vakblad Akkerwijzer van augustus
Tekst: Agrio
Beeld: Agrio