
Doelen in plaats van methoden voorschrijven voor kringlooplandbouw

Tijdens het symposium draaide het om het stimuleren van de overschakeling naar kringlooplandbouw. Dat traject verloopt langzaam. Sprekers en deskundigen die reageerden op de lezingen zeggen dat er een extra stimulans nodig is. Die moet vooral meer gericht zijn op de boer.
Onderzoeker Maarten de Graaff maakt de vergelijking tussen verschillende financiële stimulansen voor kringlooplandbouw. Hij onderscheidt daarbij de investeringssubsidie, het belonen van goede resultaten, bijvoorbeeld in biodiversiteit of emissies, landfondsen die samen grond hebben en boeren daarop laten telen volgens de kringloopmethode en risicoverlagende fondsen, waarbij je aan verzekeringen kunt denken.
Ieder stimuleringsfonds heeft voor en nadelen. De Graaff zegt dat een investeringssubsidie kapitaal vereist, maar wel de drempel verlaagt. Belonen van goed gedrag werkt langdurig, maar dan moeten telers over jaren kunnen rekenen op die beloning, voor ze zelf investeren in kringlooplandbouw. Voor de landfondsen zijn enkele initiatieven gestart. Wil dit echt sterk stimuleren, dan moet de pachtwet soepeler zijn, zodat de methode een kostenreducerende impuls kan zijn. Ook bij risicoverlagende fondsen kan de wetgeving beperken en het kan alleen voor specifieke zaken. De Graaff: „Soms heeft één fonds te weinig impact, maar je kunt natuurlijk kiezen voor de gemengde aanpak met meerdere fondsen.”
Lange termijn
De Graaff pleit voor een langetermijnvisie, goede meet- en evaluatiemethodes en ruimte voor maatwerk en educatie. „Voor versnelling moet je de boeren vooropstellen. Daarbij helpt het als je de boer inzicht geeft in hoe hij presteert.”
Bij de huidige aanpak gaat de overheid vaak te veel op de stoel van de boer zitten zegt Alokendu Patnaik in zijn presentatie. Hij studeerde Farm Systems Ecology en heeft nu het bedrijf Agrolooks. Daarin wil Patnaik de onbalans uit de landbouw halen. Hij ontwikkelt daarvoor rekenhulpmiddelen. „Telers twijfelen nog vaak door gebrek aan definitie en inzicht in het effect van hun werkwijze.”
Onafhankelijk landbouwadviseur Wim de Hoop pleit voor de doelgerichte benadering. „Het beleid moet de ondernemers stimuleren en niet obstakels opwerpen, zoals nu vaak gebeurt. Ik ben het met de sprekers eens dat combinaties van fondsen kunnen bijdragen. Innovaties zijn belangrijk en je moet blijven belonen bij succes.”
Bart Housmans van bureau Boerenverstand sluit zich aan bij die woorden: „Zet doelen voor stikstof, klimaat en droogte in plaats van eisen aan de werkwijze. Vertel de boer niet hoe te boeren, maar welke doelen te stellen!”