Serie Onderzoek: Kengetallen effectieve organische stof van groenbemesters geactualiseerd

Organische stof is een belangrijke parameter voor bodemkwaliteit, aldus Janjo de Haan, onderzoeker bij WUR. De effectieve organische stof (EOS) laat zien of een akkerbouwer goed bezig is met zaken als groenbemesters, bemesting en gewasresten, zegt hij. Beter Bodembeheer heeft bijgedragen aan het verzamelen van kengetallen over de aanvoer van EOS van een aantal groenbemesters. „Deze kengetallen waren al 40 jaar oud en in de tussentijd is de landbouw veranderd. Daarom zijn de kengetallen geactualiseerd, uitgebreid en verfijnd.”
Humusopbouw
Voorheen was er één kengetal per groenbemester bekend met een zaaimoment van voor 1 september, aldus De Haan. Nu zijn voor 10 groenbemesters kengetallen beschikbaar waarbij onderscheid gemaakt wordt voor zaaimoment. Hiermee is beter te plannen hoeveel organische stof met groenbemesters wordt aangevoerd. De Haan: „Stel: een akkerbouwer besluit een groenbemester in augustus te zaaien. Dan kan hij uitrekenen of hij met het gewas en de groenbemester voldoende effectieve organische stof aanvoer heeft.”
Onder kengetallen organische stof is aanvullende informatie te vinden over de verschillende organische stofbronnen. Het betreft de hoeveelheden die na 5 en 10 jaar nog over zijn van de aangevoerde organische stof en een gemiddelde C/N-verhouding van de organische stof. Tussen verschillende organische stof bronnen bestaan aanmerkelijke verschillen in afbreekbaarheid, aldus De Haan. „Naarmate organisch materiaal langzamer wordt afgebroken in de bodem (stabieler is), draagt het meer bij aan de humusopbouw in de bodem.”
Betere planning maken
Verder is gekeken naar de relatie tussen gewashoogte en effectieve organische stof aanvoer. Voor 6 van de 10 groenbemesters was er een goede relatie. Hiermee kan de akkerbouwer dus op basis van de hoogte van de groenbemester nagaan hoeveel organische stofproductie gerealiseerd is.
De informatie per groenbemester is terug te vinden op handboekbodembemesting.nl